Artikelen

Wie je belt als je hond kwijt is

Een golden retriever zit alleen op een gemaaid veld, achter haar strobalen en een bos in de verte

Dit is een lijst met nummers, geen verhaal. Open hem in plaats van te googelen — en loop hem het liefst vandaag al door, terwijl je hond naast je ligt te slapen. Vijf minuten nu besparen je het uur waarin je handen trillen.

Nummers en diensten verschillen per land. Bij elk onderwerp staat eerst Nederland en daarna België.

Bel in deze volgorde

Een hond wordt teruggevonden via de mensen bij wie iemand hem afgeeft. Daarom bel je de plekken waar gevonden honden terechtkomen — en in deze volgorde.

In Nederland

  1. De dierenambulance in je regio. In veel gemeenten haalt die gevonden honden op; het nummer staat op de website van je gemeente. In Amsterdam is dat de Dierenambulance Amsterdam, 020 626 2121.
  2. Het dierenasiel waarmee je gemeente samenwerkt, en meteen ook dat van de buurgemeenten. Een hond komt in één nacht verder dan je denkt, en asielen bellen elkaar niet.
  3. De gemeente, in bijna alle gemeenten bereikbaar via 14 plus het netnummer. Die weet met welk asiel en welke dierenambulance ze samenwerkt.
  4. Amivedi, de landelijke databank van vermiste en gevonden dieren. Je meldt je hond gratis als vermist bij het meldpunt in je regio. Amivedi haalt zelf geen dieren op.
  5. Het portaal waar je hond geregistreerd staat. Meld hem daar als vermist; welk portaal het is, zie je op chipnummer.nl.
  6. De dierenartsen in de buurt. Wie een hond vindt, brengt hem vaak naar de dichtstbijzijnde dierenarts om de chip te laten uitlezen.
  7. De politie — 0900-8844, het nummer voor als het geen spoed heeft, bijvoorbeeld als je denkt dat iemand je hond heeft meegenomen.

112 is voor direct gevaar — een hond op de snelweg of midden in het verkeer, een aangereden hond, een dreigend ongeluk. Om een vermissing te melden, is het het verkeerde nummer.

In België

  1. De lokale politie van je zone. Geef het chipnummer en een foto door — een gevonden hond komt vaak bij de politie of in een asiel terecht.
  2. De gemeente. Die is wettelijk verantwoordelijk voor gevonden dieren en weet met welk asiel ze samenwerkt.
  3. Het asiel van je gemeente, en meteen ook die van de buurgemeenten.
  4. DogID. Zet je hond op ‘vermist’ en maak je contactgegevens openbaar — meer daarover hieronder.
  5. De dierenartsen in de buurt. Wie een hond vindt, brengt hem vaak naar de dierenarts om de chip te laten uitlezen.
  6. 101, het noodnummer van de politie, als je hond op de weg loopt, gewond is of er een ongeluk dreigt.

In België is 112 het nummer van de brandweer en de ambulance. Voor de politie bel je 101.

Wat je zegt als er wordt opgenomen

Elk telefoontje is hetzelfde en duurt een minuut. Zorg dat je het klaar hebt, want bij het derde gesprek begint je stem te breken.

  • Hoe hij eruitziet. Grootte, kleur, vacht, of hij een halsband draagt en welke kleur. Het ras pas daarna — de persoon aan de andere kant kent het misschien niet.
  • De naam van je hond en of hij erop reageert als een vreemde hem roept.
  • Waar en wanneer hij kwijtraakte. De precieze plek en het uur, niet ‘ergens bij het bos’.
  • Het chipnummer. Lees het helemaal voor, vijftien cijfers.
  • Je telefoonnummer en of ze je ’s nachts mogen bellen. Dat mogen ze.
  • Zijn karakter. Of hij zich laat vangen, of hij bang is voor mannen, of hij naar kinderen toe gaat. Dat bepaalt hoe ze hem benaderen.
  • Vraag of ze het noteren. De gevonden hond komt misschien pas morgen binnen, en dan heeft iemand anders dienst.

Stel aan het eind twee vragen: wanneer je terug moet bellen en of je een foto mag sturen per e-mail of via WhatsApp. Een foto in de telefoon van wie dienst heeft, is beter dan een beschrijving in een schrift.

Wat je zelf kunt opzoeken

Veel mensen denken er niet aan om zelf te kijken, terwijl dat vanaf de eerste dag zin heeft.

In Nederland

  • Amivedi is een landelijke, openbare databank van vermiste en gevonden dieren, beheerd door een stichting met vrijwilligers en ongeveer 95 meldpunten. Kijk daar of je hond als gevonden is gemeld — en meld hem zelf als vermist.
  • chipnummer.nl laat zien in welk portaal het chipnummer van je hond geregistreerd staat. De app I&R dieren van de overheid laat zien of je hond in het systeem staat en via welk portaal, zonder persoonsgegevens.
  • Maar vertrouw er niet op als bewijs. Een databank is maar zo volledig als de mensen die erin melden. Dat je hond er niet in staat, betekent niet dat hij niet in een asiel zit. Kijk — en bel toch.

In België

  • De openbare zoekfunctie van DogID toont met het chipnummer de status van de hond. In Wallonië en Brussel bepalen de regels dat ze ook vermeldt of hij in een asiel zit, en in welk. Het bijwerken kan tot twee weken duren — ook hier is het geen bewijs.
  • In Antwerpen houdt het CAD een centrale databank bij van vermiste en gevonden dieren: 03 440 05 48.
  • Animal Search is een gratis app voor vermiste en gevonden dieren, in het Nederlands, Frans en Duits. De Stad Brussel noemt haar bij de hulpmiddelen van politie en asielen.

Hoe je je asiel en de dierenambulance vindt

In Nederland

  • De gemeente weet het. Gemeenten leggen hun afspraken over dierenopvang vast, vaak in een nota dierenwelzijn op lokaleregelgeving.overheid.nl. Een landelijke lijst van asielen bestaat niet — vraag het dus vandaag na.
  • Voorbeeld Amsterdam: een gevonden dier haalt de Dierenambulance Amsterdam op (020 626 2121); het asiel is DOA, Ookmeerweg 271, telefoon 020 740 2222. De gemeente zelf bel je op 14 020.
  • Een vinder mag elke gemeente kiezen. Wie een hond vindt, mag hem bij elke gemeente melden en afgeven — niet per se bij die waar hij gevonden is of waar jij woont. Bel daarom ook de buurgemeenten.

In België

  • De gemeente weet met welk asiel ze samenwerkt. Vraag het vandaag na.
  • De gewesten publiceren lijsten van asielen. Vlaanderen heeft op vlaanderen.be een lijst van ongeveer 200 erkende dierenasielen (zonder telefoonnummers); in Brussel publiceert Leefmilieu Brussel een lijst en een kaart.
  • Voorbeeld Antwerpen: de stad is bereikbaar op 03 432 16 70 (maandag tot vrijdag van 7 tot 15 uur), daarbuiten de lokale politie via de Blauwe Lijn, 0800 123 12.
  • Je hond ophalen kost geld. De kosten van het asiel zijn voor jou, en een hond zonder chip krijg je pas terug nadat hij op jouw kosten is gechipt.
Een golden retriever drinkt uit een meer in de herfst, aan de overkant een boom in herfstkleuren
De tweede dag vindt je hond zelf water. Zoek langs beken, vijvers en sloten — en laat je nummer achter bij mensen die daar vlakbij wonen.

Chip en registratie — controleer wat erin staat

In Nederland

  • Eén landelijk systeem, acht portalen. De registratie loopt via het I&R-systeem van de RVO, maar je schrijft je hond in via een van de acht portalen die de minister heeft aangewezen, zoals NDG of PetBase. In dat portaal pas je je gegevens zelf aan; bij PetBase zijn wijzigingen gratis, bij NDG kost een adreswijziging € 5,75.
  • Zoek op chipnummer.nl in welke portalen het nummer staat. Een hond kan in meer dan één portaal staan, met oude gegevens in het andere. Een hond uit het buitenland laat je volgens chipnummer.nl ook in een Nederlands portaal registreren.
  • Je nummer moet kloppen, want de vinder kan het zien. Bij NDG ziet wie het chipnummer invoert de gemeente en het telefoonnummer van de eigenaar. Voor een adreswijziging geeft de wet geen termijn — doe het toch meteen. Asielen zien het steeds weer: de hond heeft een chip, maar de gegevens leiden nergens heen.
  • De vermissing meld je in het portaal — bij NDG met een formulier — en bij Amivedi.

In België

  • DogID is de databank voor heel België, die de drie gewesten samen beheren. De dierenarts plaatst de chip en registreert je hond; daarna beheer je je gegevens zelf.
  • Je telefoonnummer pas je online aan, op online.dogid.be, met je eID of itsme. Je adres wordt overgenomen uit het bevolkingsregister, je telefoonnummer niet — dat is wat mensen vergeten.
  • Maak je contactgegevens openbaar. Sinds 2024 zijn ze standaard verborgen: wie het nummer van je hond opzoekt, ziet je telefoonnummer alleen als je het openbaar hebt gemaakt.
  • De vermissing meld je in DogID, online, telefonisch, per e-mail of via je dierenarts. Dat is trouwens een wettelijke verplichting.

Kan je hond een grens zijn overgestoken — in een grensstreek is dat niets bijzonders —, probeer dan ook de internationale chipzoekers petmaxx.com of europetnet.org. Een Nederlands portaal toont je geen hond die alleen in België of Duitsland geregistreerd is, en omgekeerd.

De tweede dag en daarna

  • Bel opnieuw, elke dag. ’s Ochtends hebben ze je melding genoteerd, ’s avonds kunnen ze een hond hebben opgenomen die iemand pas ’s middags opmerkte. Diensten wisselen en briefjes raken zoek.
  • Maak de cirkel groter met de buurgemeenten. Hun gemeente, hun asiel, hun dierenartsen. Na twee dagen is een hond geregeld tientallen kilometers verder.
  • Zet een oproep online in de groep van je stad of wijk. Die is vaak sneller dan de grote landelijke groepen — daar zitten mensen die je hond echt gezien kunnen hebben.
  • Dierenartsen met spoeddienst in de buurt. Een aangereden of uitgeputte hond komt daar terecht, niet in het asiel. Er is geen landelijk noodnummer voor dieren, dus zoek vooraf uit welke praktijk bij jou ’s nachts dienst heeft.
  • Boeren, jagers en boswachters in de buurt. Ze lopen elke dag door velden en bossen en zien meer dan wie ook.

In Nederland

  • Amivedi en NDG bieden een gratis poster aan.
  • Pas op voor oplichters. Amivedi waarschuwt voor een nep-‘Amivedi’ op TikTok en WhatsApp die om je adres vraagt, en raadt aan het chipnummer aan niemand anders te geven dan aan Amivedi zelf.
  • Een gewonde gevonden hond gaat eerst naar de dierenambulance.

In België

  • Zet je hond op Animal Search, naast de groepen van je gemeente en je wijk.
  • Dierenartsen van wacht: een landelijk nummer is er niet. In Vlaanderen publiceert de Orde der Dierenartsen een lijst van officiële regionale wachtdiensten; in Brussel noemt de website van het gewest, be.brussels, private spoed- en wachtdiensten voor dieren.

Waar bellen geen zin heeft

In Nederland

  • 144 voor een vermiste hond. Dat nummer is alleen voor dierenmishandeling en -verwaarlozing, en het is niet dag en nacht bereikbaar (maandag tot zaterdag 8:00–18:30, zondag 9:30–18:30).
  • Een apart nummer voor de snelweg. Loopt je hond op de snelweg, bel dan 112. Rijkswaterstaat (0800 8002) neemt meldingen aan over een dier of voorwerp op een rijksweg, maar is geen noodnummer. Blijf achter de vangrail en ga niet achter je hond aan de rijbaan op.
  • Amivedi om je hond op te halen. Amivedi is een databank en haalt geen dieren op — daarvoor is de dierenambulance.
  • chipnummer.nl om je gegevens te wijzigen. Die site zoekt alleen; wijzigen doe je in je portaal.

In België

  • 112 voor de politie. In België is de politie 101; 112 is voor de brandweer en de ambulance.
  • Een apart nummer voor de snelweg. Een hond op de snelweg brengt het verkeer in gevaar: bel 101. Blijf achter de vangrail.

Heb je de hond van iemand anders gevonden? Je belt dezelfde nummers

De andere kant van dezelfde situatie — en de wet is daar vrij duidelijk over.

  • Wacht eerst tien, twintig minuten ter plekke voordat je gaat bellen. Vaak komt de eigenaar al aangerend en is de rest overbodig.

In Nederland

  • Meld de hond zo snel als redelijkerwijs kan bij een gemeente. Dat mag elke gemeente zijn, en je kunt hem er ook altijd afgeven.
  • Een dier in nood moet je helpen — dat geldt voor iedereen. Is de hond gewond, bel dan de dierenambulance.
  • Zo vind je de eigenaar: laat de chip uitlezen bij een dierenarts, de dierenambulance of een asiel, zoek op chipnummer.nl op in welk portaal het nummer staat en meld de hond als gevonden bij Amivedi. Bij NDG zie je met het chipnummer het telefoonnummer van de eigenaar.
  • De hond wordt niet meteen weggegeven. De gemeente houdt hem in principe twee weken; daarna mag de burgemeester hem aan een nieuwe eigenaar geven. Een hond zonder chip krijgt in het asiel binnen twee weken een chip.

In België

  • In Vlaanderen en Brussel heb je vier dagen om de hond af te geven bij de gemeente waar je hem vond of waar je woont, of bij het aangewezen asiel. In Wallonië moet je de gemeente waar je hem vond meteen verwittigen; een verloren dier zonder toestemming houden is daar een overtreding.
  • DogID raadt aan de hond naar een asiel of naar de politie te brengen. Het asiel moet de chip controleren en de eigenaar meteen contacteren.
  • De hond wordt niet meteen weggegeven. Het asiel houdt hem vijftien dagen in Vlaanderen en Brussel, tien in Wallonië (tien meer als de eigenaar erom vraagt); daarna is hij van het asiel.

Wat je vandaag in je telefoon zet

Dat is de hele bedoeling van dit artikel. Nummers zoeken terwijl je hond over de weg rent, is het slechtst denkbare moment.

In Nederland

  • Het chipnummer als notitie in je telefoon, en de naam van het portaal waar je hond staat (controleer het op chipnummer.nl), met je inloggegevens.
  • De gemeente (14 plus het netnummer), haar asiel en de dierenambulance in je regio.
  • Het meldpunt van Amivedi in je regio.
  • Je dierenarts en de dichtstbijzijnde dierenarts met spoeddienst.
  • De politie: 0900-8844, en bij direct gevaar 112.

In België

  • Het chipnummer, dat in het paspoort van je hond staat, en je toegang tot online.dogid.be met je eID of itsme.
  • De lokale politie van je zone, en 101.
  • De gemeente en haar asiel, en de asielen in de buurgemeenten.
  • Je dierenarts en de dichtstbijzijnde wachtdienst; in Vlaanderen staat die op de lijst van de Orde der Dierenartsen.
  • De helpdesk van DogID: +32 2 333 92 22, elke dag van 8 tot 20 uur.

En overal: twee foto’s van je hond, van opzij en van voren, in goed licht, het hele lijf. Niet die waarop hij schattig is — die waarop je hem herkent.

En nog één ding, dat een minuut kost: log in bij je portaal (in België: bij DogID) en controleer welk telefoonnummer er bij je hond staat. In België zet je je contactgegevens meteen op openbaar. Het is het enige uit deze hele lijst dat bepaalt of een gevonden hond nog dezelfde dag naar huis gaat.

Hoe het gaat met Tifik

Deze lijst geldt ook met de halsband. Wat verandert, is alleen hoeveel je ervan nodig hebt — en of je belt om je hond te vinden of omdat je al weet waar hij is.

  • Je begint bij een stip op de kaart, niet bij de telefoon. Je zet live volgen aan en gaat je hond achterna. Bellen doe je pas als er een hek of water tussen jullie zit.
  • Je belt het asiel met een locatie, niet met een beschrijving. ‘Om half tien was hij bij de groeve’ is informatie waar iemand iets mee kan.
  • De QR-code op de behuizing is voor de vinder. Die fotografeert hem met de telefoon en er opent een pagina met de naam van de hond en een knop ‘ik heb hem gevonden’ — zonder chiplezer en zonder app. Jij krijgt een bericht en jullie komen via ons in contact, zonder dat je nummer openbaar wordt.
  • De halsband vervangt de chip niet, en ook deze lijst niet. Chip en registratie beantwoorden de vraag van wie die hond is. De halsband beantwoordt de vraag waar die hond is — en die stellen we als eerste.

Meer artikelen

Ik wil in de eerste serie